Het is erger wanneer je niets doet bij reanimeren!

Patrick Roerman en haar vriendin rijden samen door de nieuwe Vinex wijk als ze opeens een groep mensen om iemand heen zien staan die op de grond ligt. Ze stappen meteen uit de auto en komen in actie.

 

De persoon die op de grond ligt ziet er blauw-grijzig uit. De omstanders wisten niet wat ze moeten doen. Het enige wat de omstanders hadden gedaan was een kussentje onder het hoofd gelegd. Patrick ontdekte al snel dat de man een hartstilstand had gehad en er gereanimeerd moest worden.

 

Patrick herinnert zich ineens dat hij een beademingsdoekje heeft. Hij pakt deze en begint met reanimeren. Met toeval had hij een week geleden nog een BHV-herhalingscursus gehad. Hij weet het niet meer precies, over hoeveel borstcompressies en beademingen hij moet doen. Hij stelt zichzelf gerust door het idee dat de reanimatierichtlijnen in die periode wat soepeler waren geworden.

 

De omstanders hadden de ambulance al wel gebeld, het reanimeren is zwaar.. De vriendin van Patrick gaat op zoek naar iemand die ook kan reanimeren.. De omstanders kunnen dit niet, de vriendin gaat snel op de weg staan en houdt auto’s aan. Na een aantal minuten stopt er een auto waar in een vrouw zit die ook kan reanimeren. Ze neemt het reanimeren over van Patrick, hij gaat verder met het beademen van het slachtoffer.

 

Na een paar minuten arriveert er eindelijk een ambulance. Het ambulancepersoneel neemt de reanimatie over. Op het moment van overname verwachtte Patrick niet dat het slachtoffer het zou overleven.

 

Patrick was benieuwd of het slachtoffer het had overleefd. Dus nam hij contact op met het ziekenhuis om te vragen of ze het hem konden vertellen, dit kon helaas niet omdat dit tegen de privacy is. De vriendin van Patrick had bij de politie gewerkt en vroeg haar oude collega’s of zij iets wisten. De familie had contact gezocht met de politie om te kijken of zij wisten wie het slachtoffer had geholpen. Met toeval kwamen ze dus met elkaar in contact. De familie was Patrick erg dankbaar, hij ontving een mooie bos bloemen en een kaart. Voor mij was het toen klaar. Ik deed wat ik moest doen, ik ben geen held!